De kruistocht van Jack Bogle

 “Jack Bogle has done probably more for the American investor than any man in the country.
– Warren Buffett

In 1985 begon ik mijn carrière in de financiële industrie bij Merrill Lynch in Amsterdam. Als account executive. Mijn taak was onze cliënten te adviseren omtrent de aan- en verkoop van Amerikaanse effecten.

In die tijd was het doen van een transactie nog een dure aangelegenheid. Het verhandelen van een paar honderd aandelen IBM kostte een cliënt al snel zo’n 2,5% van het totale transactiebedrag. Hierdoor was het bijhouden van het rendement van de index vrijwel onmogelijk. De kosten van het beleggen waren simpelweg te hoog.

Eind 1985 introduceerde Merrill Lynch haar eerste beleggingsfonds: het Merrill Lynch Federal Securities Fund. Het fonds investeerde in Amerikaanse staatsleningen. En was dat dan een goedkopere manier om te beleggen? Niet echt.

Ik kan me de kosten van het fonds niet precies meer herinneren. Maar ik weet ik nog wel dat ze hoog waren. Heel hoog. Naast de jaarlijkse beheerfee, betaalde de cliënt ook nog eens instapkosten. Tot wel 6,25% voor kleinere bedragen! Een dure manier om te profiteren van de, toen nog, hoge Amerikaanse rentes van 8 à 9%.

Eén man was toen al druk bezig om die hoge kosten voor beleggers te verlagen. Dat was John C. (Jack) Bogle1. Hij overleed op 16 januari 2019 op negenentachtig jarige leeftijd.

Kan een dikke jockey de paardenrace winnen?

In 1974 richtte Jack Bogle het bedrijf Vanguard op. Genoemd naar het vlaggenschip van Lord Nelson. Bogle was een groot fan van Lord Nelson die de Franse vloot versloeg tijdens de Slag bij de Nijl in 1798. Hij verijdelde zo het plan van Napoleon om Brits-Indië te veroveren.

Bogle was ervan overtuigd dat een breed gespreid en goedkoop beleggingsfonds de meeste actieve beleggers zou verslaan.

“You want to be average and then win by virtue of your costs.” Cost is a handicap on the horse. If the jockey carries a lot of extra pounds, it’s very tough for the horse to win the race.”

Hij voegde de daad bij het woord. Op 31 december 1975 richtte hij The First Index Investment Trust op. Nu beter bekend als het Vanguard 500 Index Fund.

Helaas flopte de beursgang. Het fonds haalde slechts 11,3 miljoen dollar op. Terwijl Bogle hoopte op 250 miljoen. De mislukte beursgang stond al snel bekend als Bogle’s folly (dwaasheid). Niemand geloofde erin. De baas van Fidelity, in die tijd de grootste fondsmanager, zei zelfs:

I can’t believe that the great mass of investors is going to be satisfied with just receiving average returns. The name of the game is to be the best.

Was Jack Bogle een Marxist of juist Robin Hood?

Het bleef niet bij die vernedering door Fidelity. Wall Street kraakte hem tot op het bot af. Men noemde hem een communist, een Marxist, een Bolsjewist, een Calvinist en een verrader. Omdat hij beleggen goedkoper probeerde te maken! En beleggers meer rendement zouden behalen.

Maar niemand kon hem stoppen. Op dit moment heeft Vanguard ruim zes biljoen dollar onder beheer! Bogle’s doorzettingsvermogen zorgde ervoor dat beleggers jaarlijks miljarden dollars aan kosten bespaarden. Kosten die voor beleggers in een hoger rendement veranderden.

Fortune Magazine noemde hem in 1999 dan ook één van de vier giganten van de twintigste eeuw. De andere drie waren Peter Lynch, Warren Buffett en George Soros. En in 2004 werd hij door Time Magazine uitgeroepen als één van de 100 invloedrijkste mensen op aarde.

Jack Bogle had ook één van de rijkste mensen op aarde kunnen zijn. Net als Warren Buffett of Bill Gates. Maar daar koos hij niet voor. In plaats daarvan richtte hij Vanguard op als een non-profit organisatie. Haar cliënten zijn de aandeelhouders. In ruil daarvoor brengt het bedrijf slechts de kosten van het vermogensbeheer in rekening.

Was Jack Bogle een tegenstander van actief beheer?

“Perfect is the enemy of good”, schreef Bogle ooit. “While an index-driven strategy may not be the best investment strategy ever devised, the number of investment strategies that are worse is infinite.”

Hij had gelijk. Voor actieve beleggers is het moeilijk om de index consequent te verslaan. Niet omdat ze allemaal slecht zijn, maar omdat zij te hoge kosten berekenen. Zelf zei hij ooit:

“I’d rather invest in a low-cost active fund than a high-cost passive fund.”

Jack Bogle heeft net als Lord Nelson het snode plan van veel fondshuizen verhinderd. Zij dachten veel geld te verdienen aan passieve strategieën vermomd als actieve strategieën. De meeste fondsmanagers weken nooit veel af van de index. Ze waren bang om beleggers te verliezen na een slecht resultaat. Maar ze deden net alsof ze actief belegden. En daar rekenden ze hoge kosten voor.

Tegenwoordig groeit het aantal actieve beleggers dat wel durft af te wijken van de index. Hiervan profiteert de cliënt. Hij is nu veel beter in staat om te beoordelen of een actieve belegger ook echt zijn vak verstaat.

Vanguard gelooft hier ook in. Want het heeft meer actieve fondsen dan indexfondsen. En Bogle’s eigen zoon, John, is een succesvolle actieve belegger. John runt het Bogle Small Cap Growth Fund. Dit fonds versloeg de index ruimschoots. Het jaarlijks rendement van het fonds was de afgelopen 10 jaar 13,88%2 versus 11,97% per jaar voor de index.

Veel mensen uit de financiële wereld staken de afgelopen tijd hun bewondering voor Jack Bogle niet onder stoelen of banken. Ook bij IBS zijn we onder de indruk van de nalatenschap van Jack Bogle. Zoals u wellicht weet, belegt IBS overwegend actief voor haar beleggers. Wij doen ons uiterste best om de kosten voor ons actieve beheer zo laag mogelijk te houden. Daarnaast beleggen wij ook met volle overtuiging in indexfondsen. Sommige van onze relaties vragen hier om. En zelfs in onze actieve mandaten gebruiken we ze. Vooral als we de portefeuilles van onze cliënten overwegen in aandelen of obligaties.

 


1: Foto Jack Bogle van Eileen Blass
2: Morningstar

Blijf op de hoogte

Schrijf u in, dan ontvangt u onze updates vanzelf per e-mail.
Volgende artikel ›

Privacy en veiligheid van gulle gevers in het gedrang door wetsvoorstel